Veelgestelde vragen NPVR
Op deze pagina vind je veelgestelde vragen over het regioplan ‘Mooi leven in de Kop voor jongeren’ en de deelname van de Kop van Noord-Holland aan het Nationaal Programma Vitale Regio’s (NPVR).
Veelgestelde vragen over het NPVR
-
Het plan 'Mooi leven in de Kop voor jongeren' beschrijft de gezamenlijke koers van de regio Kop van Noord-Holland richting 2050. Het geeft richting aan hoe we de brede welvaart in de regio willen versterken, met speciale aandacht voor de kansen van jongeren op het gebied van onderwijs, werk, wonen, voorzieningen en vrije tijd.
-
Uit verschillende onderzoeken blijkt dat jongeren in de Kop van Noord-Holland op onderdelen zoals opleidingskansen en toekomstperspectief achterblijven bij het landelijke gemiddelde. Door te investeren in jongeren versterken we hun kansen én investeren we tegelijkertijd in de leefbaarheid, economie en toekomst voor alle inwoners van de regio.
-
Brede welvaart gaat over meer dan alleen economie en inkomen. Brede welvaart gaat over de kwaliteit van leven hier en nu en de mate waarin deze ten koste gaat van de brede welvaart van latere generaties - onze kinderen en kleinkinderen- of van die van mensen elders in de wereld. Brede welvaart gaat over tevredenheid met het leven, materiële welvaart, gezondheid, arbeid en vrije tijd, wonen, sociale netwerken, veiligheid en milieu.
-
De Kop van Noord-Holland heeft veel kwaliteiten, zoals ruimte, een sterke economie in diverse sectoren en een hoge kwaliteit van leven. Tegelijkertijd staat de regio voor uitdagingen, zoals kansenongelijkheid, bereikbaarheid en het onder druk staan van voorzieningen. Het plan helpt om gezamenlijke keuzes te maken voor de toekomst.
-
Het plan is opgesteld door de regio Kop van Noord-Holland, bestaande uit de gemeenten Den Helder, Hollands Kroon, Schagen en Texel. Daarnaast is het tot stand gekomen met inbreng van vele partijen uit de regio, waaronder maatschappelijke organisaties, jongeren, ondernemers, onderwijsinstellingen en overheden.
-
Het NPVR is een landelijk programma van het Rijk dat zich richt op het versterken van de brede welvaart in regio's buiten de economische kerngebieden van Nederland. De Kop van Noord-Holland is één van de elf regio's die deelnemen aan dit programma.
-
Nee. Het plan wordt op dit moment politiek en bestuurlijk besproken in de regio. Het doel is om het plan in het najaar van 2026 bestuurlijk vast te stellen in de gemeenteraden.
-
In de vier gemeenten wordt het plan besproken in de colleges van B&W. De RRN adviseert vervolgens de gemeenteraden over het plan. De RRN (Regionale Raadscommissie Noordkop) is een adviesorgaan voor regionaal samenwerken in de Kop van Noord-Holland. De RRN bestaat uit één lid van iedere fractie uit de raden. De commissieleden worden door de raden op voordracht van de fracties benoemd.
-
Het plan is richtinggevend en helpt om gezamenlijke keuzes te maken voor de toekomst. Op basis van het plan wordt een uitvoeringsagenda opgesteld. Daarin komen concrete acties, projecten, samenwerkingsafspraken en ambities te staan. Om tot een uitvoeringsagenda te komen wordt de samenwerking gezocht met onderwijs, ondernemers, bewoners en jongeren.
-
Dat wordt uitgewerkt in de uitvoeringsagenda. Daarbij wordt zoveel mogelijk aangesloten bij bestaande initiatieven, projecten en samenwerkingen die al in de regio plaatsvinden.
-
Het plan is een strategische koers voor de lange termijn. De benodigde investeringen en eventuele financiële bijdragen worden verder uitgewerkt in de uitvoeringsagenda en de daaropvolgende besluitvorming.
-
De deelname aan het NPVR zorgt voor een nauwere samenwerking met het Rijk. De financiering van projecten wordt per initiatief bekeken en kan bestaan uit bijdragen van verschillende partners. Het plan zelf bevat nog geen definitieve financiële afspraken.
-
Jongeren vormen de rode draad in het plan. Juist thema's als wonen, onderwijs, werk, gezondheid, mobiliteit en voorzieningen hebben grote invloed op hun toekomstkansen. Door vanuit jongeren te kijken, worden meerdere regionale opgaven tegelijkertijd aangepakt.
-
Bij het opstellen van het plan zijn inzichten uit onderzoeken, gesprekken en regionale bijeenkomsten gebruikt. Er is ook gesproken met de Jongeren Advies Raad (JAR) in Den Helder en de jongerenraad van Schagen. In de verdere uitwerking van de uitvoeringsagenda worden jongeren en organisaties die met jongeren werken verder betrokken.
-
Op korte termijn verandert er nog niets. Het plan geeft vooral richting aan de samenwerking in de komende jaren. De concrete effecten voor inwoners worden zichtbaar via de projecten en maatregelen die in de uitvoeringsagenda worden opgenomen.
-
Veel regionale vraagstukken vragen om een lange adem. Denk aan onderwijs, arbeidsmarkt, woningbouw, bereikbaarheid en gezondheid. Met een horizon richting 2050 ontstaat een gezamenlijke langetermijnvisie waar maatschappelijke partners en overheden op kunnen voortbouwen.
Het Rijk heeft daarnaast toegezegd om tot 2050 intensiever dan gebruikelijk met ons samen te werken in het realiseren van onze ambities.
-
Het plan bouwt voort op bestaande initiatieven en samenwerkingen. Het is nadrukkelijk niet bedoeld als een extra agenda naast bestaande plannen, maar als een gezamenlijke koers lopende ontwikkelingen aan elkaar verbindt.
-
De regio speelt een belangrijke rol op het gebied van energie, maritieme innovatie, defensie, agri & food en toerisme en recreatie. Daarnaast levert de regio een belangrijke bijdrage aan landelijke opgaven zoals de energietransitie.
-
Het plan is een gezamenlijke ambitie. Door samen te werken met gemeenten, onderwijs, ondernemers, maatschappelijke organisaties en andere partners wordt voortdurend gekeken wat nodig is om de doelen dichterbij te brengen. De uitvoeringsagenda biedt ruimte om bij te sturen wanneer dat nodig is.
-
In de 11 NPVR regio's spelen vergelijkbare vraagstukken op het gebied van bijvoorbeeld vergrijzing, druk op de arbeidsmarkt en bereikbaarheid. Als regio's kunnen we van elkaar leren.
Een voorbeeld is publieke mobiliteit, een systeem waarin verschillende vormen van vervoer samen worden gebracht. Het gaat in eerste instantie om het doelgroepenvervoer (bijvoorbeeld voor ouderen of mensen met een beperking) en openbaar vervoer, maar er zijn ook kansen voor bijvoorbeeld deelmobiliteit en vrijwilligersvervoer. De regionale projecten die nu, in andere NPVR regio's, worden uitgevoerd laten zien wat nodig is om een goed werkend publiek mobiliteitssysteem in te richten. Onze regio kan profiteren van de kennis en ervaringen uit die regio's.
Een ander voorbeeld is het thema wonen waarbij we in gesprek met het Rijk en de provincie onderzoeken wat er nodig is om woningen en woonomgevingen te realiseren die bijdragen aan de leefbaarheid en vragen in onze omgeving.